Zittend op je tweewieler kijk je in het rond. Blijven ze achter de hekken, zijn er aanstootgevende taferelen, is er iets wat niet deugt?
Nee.
En opeens die knal. Je kijkt achterom. Er liggen lichamen op de grond, gegil, bloed. Een zwarte Suzuki komt met volle vaart op je afgereden. Je rijdt de rit van je leven. Letterlijk. De wagen nadert je sneller en sneller. Hij komt met een grote knal tot stilstand.
Dat scheelde centimeters.
Jawel, niemand is het ontgaan. Het horrortafereel in Apeldoorn, uitgerekend op het feestelijke Koninginnedag. Ik ga geen aandacht besteden en het hoe en wat, daar hebben we de professionele media voor. Ik wil hier bij de politieagent stilstaan die maar net niet geraakt werd.
De geluksvogel
Wat als de ketting van de fiets gevlogen was? Wat als de fiets net op een foute versnelling stond? Wat als de agent fysiek net iets minder ervoor stond en niet zo hard had kunnen trappen? Dan had de Suzuki, althans de resten, naar de autowasstraat gemoeten om het voertuig te ontdoen van het menselijke weefsel. Dan stond er bij miljoenen mensen het beeld van een dodelijk ongeluk op hun netvlies gegrift. Dan nam de dwaas achter het stuur niet 4 levens, maar 5.
Triest.
Hoe zou de agent zich voelen? Het was natuurlijk niet zijn ideale dag. Maar zou hij blij zijn, blij dat zijn leven gespaard werd? Angstig, angstig omdat zijn leven nooit zo eindig had geleken? Boos, boos op de maniak van Apeldoorn?
Wie zal het weten.
Ik vraag me af wie de agent is. Ik zou hem zo graag willen spreken, Hoe maak je zo’n mee. Ben je in shock, of ga je zo snel mogelijk kijken hoe het met de slachtoffers is? Flits je leven aan je voorbij, of blijf je helder in je hoofd?
Het is griezelig.
donderdag 30 april 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten